Memory lane is een sens unique

Ge zijt precies veranderd, zegt ze. Niet meer zo wereldvreemd, niet meer de twijfelaar van toen.

Ik was verliefd op u, denk ik, en dat doet iets met een mens. De inval in Irak, het doodknuppelen van zeehondjes en het kloploze hart van Boudewijn deden mij minder dan een woordenzucht die van je lippen viel.

Toen.

Dat leven dat even vast stond in een frame van “de rest mag allemaal mijn zak opblazen” rolde verder. Frames volgden tot een stopmotion van meer dan tien jaar.

Ik geloof niet dat iemand echt verandert, zeg ik nog. Hier en daar een effect van fade in/fade out of blur of overcompensatie, misschien.

’s Avonds kijk ik naar een stukje Jambers van 20 jaar geleden over mensen die uit een coma geraakt zijn en proberen revalideren van zware hersenschade. Zij zijn veranderd.

Leefde ik in een coma?

Nooit verandert (n)iets

Vreemd. Je komt na een hele tijd terug. Er is niets veranderd, de enige verandering ben je zelf. Stofvlokjes klitten samen tot stofwolkjes. Er is een kleine deining in een commentaar die niets met de originele post te maken heeft: “Ik heb een vraag over mijn Electrabelfactuur” en “Wat heb ik nodig voor mijn digitale tv-aansluiting van Telenet?” Ik heb zelfs geen moeite meer gedaan om daar een antwoord op te formuleren. Zoek het zelf uit, jongens. Wrong place, bad timing.

De plaats is dezelfde; en ik misschien ook nog wel. Ik sla het stof van mijn schouders. Slaap doet deugd: het lichaam rust uit, maar het koppeke blijft werken. In overdrive.