Het kritische compliment

De Jungleboys van Tmoederschip hebben het mij gisteren al horen verkondigen, ik wil mijn vaardigheden in het uiten van het kritische compliment aanscherpen.

Foto: Cher op haar lelijkst Het kritische compliment is (naar verluidt) de ideale manier om een vrouw te complimenteren.  Zeg haar nooit dat ze hemels prachtig is, want dan vindt ze jou een slijmbal van de eerste ‘trekking’.  Je moet bij elk compliment een kritische opmerking over haar maken:

Dat bloesje staat je prachtig maar die schoenen zien er een beetje goedkoop uit.

Da’s dus scoren.  Ze gaat daardoor niet zweven, want met dat kleine puntje van kritiek breng je haar weer met beide voetjes op de grond.  Bovendien brengt dit een gesprek op gang waar je je kennis van schoenlapperij in kwijt kan.
Welke kritische opmerking je maakt is van geen belang, zolang het maar over haar uiterlijk (inclusief kleding) gaat.  Vrouwen zijn immers altijd onzeker over hun uiterlijk; zelfs wanneer al hun vriendinnen gezegd hebben dat ze die schoenen absoluut moet kopen, kan je haar hier nog in prikkelen door ze af te doen als tweedehands uitziende solden uit den Aldi.

Het kritische compliment is zeker niet te verwarren met complementaire kritiek, waar vrouwen een broertje aan dood hebben.  Zeg dus nooit:

Ik zeg het maar om jou te helpen: als je die broek aan hebt, zien de mensen dat je dikke kuiten hebt.

Fout: je bent immers het compliment vergeten.

Overdrijf niet in de kritiek.  Zeg dus niet:

Ik vind jouw haar superleuk, maar die bek van jou staat daar zo scheef onder.

Anderzijds kan je niet groot genoeg gaan in het compliment, zolang je er maar iets kritisch aan toevoegt (dat kritische zorgt ervoor dat ze even haar kluts kwijt is waardoor de rest zoet binnengiet).  Je kan zelfs ad lib combineren:

Dat kleedje zit je als gegoten, je borsten staan er mooi geaccentueerd in; alleen een beetje jammer van dat motief, da’s wat passé, maar draai je eens om, goh, je kontje staat er perfect strak in.  En hoe heet jij eigenlijk?

Met deze theoretische kennis op zak ga ik eens aan het werk.

Honesty

Het is zo verdamd moeilijk om vrolijk te liegen als je naar een toneelstuk gaat kijken van mensen die je kent, en dat ze je dan achteraf vragen wat je ervan vond.  Och ja, je kan wel kiezen uit:

’t Is niet echt mijn ding of

Zoveel tekst dat je hebt moeten leren! of

Schone kostuums (alternatief voor ‘schoon decor!!!’) of de ergste boosdoener van al:

Goh, wat vond je er zelf van?

Ze hebben er hun ziel in gelegd, ze willen niet liever dat je naar hun kindje ‘gaga’ en ‘woehoe’ zegt.  Je wil zeker niet dat zieltje met je stevigste bergbotinen vertrappelen, maar oh jee, het is zo moeilijk om er iets positievers uit te persen dan bwoa joa.

En daarvoor wil ik nu eens mijn excuses aanbieden, se, sorry dat ik niet als eerste repliek gezegd heb: “Proficiat, joh!”

Maar weet dat ik die eerlijkheid ook van jullie verwacht, jullie ja!