Toegift

Eigenlijk ben ik een ongelooflijk verstandige knul, maar heb ik het al decennia lang perfect weten wegsteken. En het dronkemansgebrabbel dat ik zelfs in nuchtere toestand uitbraak, helpt me bij dit verbergen. Echte kenners daarentegen zagen deze mist van onwetendheidsveinzerij al langer voor hun neus optrekken, en een enkeling heeft zijn spijtbetuiging annex meelevendheid geuit voor de verschrikkelijke eenzaamheid die mij als spannende, leren SM-outfit omhult.

Dit gevoel van eenzaamheid is niet nieuw. Van zodra ik doorhad dat ik ’s werelds intelligentst (nog levend) individu was, en ik kokhalzend de stroom van andermands idiotie over mij kreeg, voelde ik de donderslag van El Solitudine over mijn gerechtigd kruis bonken.

En dan, dan komt het moment dat je als gonzend brein je ivoren toren verlaat en je je wat socialer opstelt. Je wil de eenzaamheid doorbreken, iets wat in den beginne lijkt te lukken. Je babbelt, keuvelt, kwebbelt en kwettert en mensen beginnen je ineens leuk te vinden. Je schertst, je cyniceert en zowaar je kan ook nog grappig uit de hoek komen. Maar van een integere catharsis is er geen sprake, want de tweespalt tussen intellect en sociaal gevoel drijft je alweer in de duisternis van het solimpsisme. Vandaar dat ik het verstand welberedeneerd afgezworen heb. Vanaf nu kan ik fouten maken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *